Maaien in de sloten voor goede doorstroming

Bepaalde soorten waterplanten hinderen de doorstroming van sloot naar sloot. Daarom worden waterplanten uit het midden van de sloten (stroomprofiel) verwijderd. Zo kan het water ook bij hevige regenbuien goed doorstromen en blijft het een gezonde leefomgeving voor alle planten en dieren.

Minimale impact

De werkzaamheden worden zoveel mogelijk uitgevoerd met een mobiele kraan met een maaikorf. Dit geeft de minste verstoring voor het waterleven in de sloten. Waar de mobiele kraan niet kan komen, wordt de maaiboot ingezet. Deze maakt weinig vaarbewegingen, om de verstoring zo klein mogelijk te houden.

Controle

Het maaisel wordt in hopen op de wal gelegd en gecontroleerd op de aanwezigheid van vissen en amfibieën. Aangetroffen dieren worden direct teruggezet in de sloot. Rond nestplaatsen van vogels wordt een minimale werkafstand van 3 meter gehouden. Tijdens de werkzaamheden worden het zuurstofgehalte en de water- en luchttemperatuur gemeten, zodat de voorgeschreven waarden niet worden overschreden.

Oevers in het najaar

De randen van de sloten worden tijdens de eerste ronde met rust gelaten om schade aan de natuur te voorkomen. Denk hierbij aan vogels, insecten, schuilgelegenheid voor vissen en bloeiende planten. Pas in de herfst worden de planten aan de oevers gemaaid. Bij sommige sloten worden de oevers slechts eens in de drie jaar gemaaid, zodat daar nog hogere natuurwaarden worden gerealiseerd.