Over Papendrecht

De dijk in de jaren 20 van de vorige eeuwHet jaar 1105 wordt aangehouden als 'geboortejaar' van Papendrecht; toen werd de gemeente voor het eerst genoemd in een geschrift. Tot ongeveer 400 jaar voor Christus was het gebied vooral moerassig en onbewoonbaar, later bevolkten met enige regelmaat kleine groepen de hoger gelegen zandruggen en terpen.

Rond het jaar 1000 kreeg het gebied permanente bewoners. De nederzetting was vanuit Dordrecht de toegangspoort tot de Alblasserwaard. Rooms-Katholieken - Papen - staken de rivier over op een doorwaadbare plek ('tricht' of 'drecht'), vandaar de naam Papendrecht. In 1277 werden de achterliggende gebieden drooggelegd met behulp van windmolens. Deze bepaalden de aanblik van het dorp en zijn opgenomen in het wapen van Papendrecht.

Middelen van bestaan
Bewoners leefden voornamelijk van visserij, teelt van riet en rijshout, landbouw, veeteelt en dijkwerk. Sommige Papendrechters verdienden bij met de teelt van erwten, wat de inwoners van de gemeente de bijnaam 'erwtenpellers' opleverde.
In 1816 kwam er een eind aan de macht van de 'vrijheren' en werd Papendrecht een gemeente met burgemeester en wethouders. Het dorp telde toen zo'n duizend zielen.

Groei
De groei kwam in de negentiende eeuw met de industriële ontwikkeling en de komst van scheepsbouw. Telde het dorp in 1875 nog 2400 mensen, in 1960 werd de tienduizendste inwoner begroet. Momenteel heeft Papendrecht bijna 32.000 inwoners.

Een gratis brochure (813 KB)  over Papendrecht, met twee wandelroutes en een Engels- en Duitstalige samenvatting zijn gratis af te halen bij onder meer de receptie van het gemeentehuis.